Spaans B1 · Gevorderd · unit 4

¡No lo hagas!

In deze unit: ontkennende opdracht voor tú, usted, ustedes en nosotros, waar staan de voornaamwoorden?. Uitgelegd in het Nederlands, met voorbeelden en de fouten die Nederlanders vaak maken.

Grammatica 1: ontkennende opdracht voor tú

Een verbod voor tú maak je met no + subjuntivo (tú-vorm). Je kent die vormen uit Unit 1.

Bevestigend (A2)Ontkennend (B1)
¡Habla!¡No hables!
¡Come!¡No comas!
¡Escribe!¡No escribas!
¡Haz eso!¡No hagas eso!
¡Ve!¡No vayas!
¡Di la verdad!¡No digas mentiras!
¡Ten cuidado!¡No tengas miedo!

Grammatica 2: usted, ustedes en nosotros

Voor usted, ustedes en nosotros (laten we) gebruik je altijd de subjuntivo, bevestigend en ontkennend.

ustedustedesnosotros (laten we)
hablar(no) hable(no) hablen(no) hablemos
volver(no) vuelva(no) vuelvan(no) volvamos
hacer(no) haga(no) hagan(no) hagamos
ir(no) vaya(no) vayanvamos / no vayamos

Let op: 'laten we gaan' is gewoon ¡Vamos!.

Vosotros (alleen Spanje) heeft een eigen bevestigende vorm: haal de -r van de infinitief weg en zet er -d voor in de plaats: hablad, comed, venid. Ontkennend is het subjuntivo: no habléis.

Grammatica 3: waar staan de voornaamwoorden?

Bevestigend: erachter vastOntkennend: ervoor los
Hazlo.No lo hagas.
Dímelo.No me lo digas.
Siéntese. (usted)No se siente.
Levántense. (ustedes)No se levanten.
Sentémonos. (nosotros)No nos sentemos.

Bij nosotros + nos valt de -s weg: sentemos + nos → sentémonos. En met se lo: digamos + se lo → digámoselo.

Let op, Nederlanders

  • No haz en no ve bestaan niet. Een verbod is altijd subjuntivo: no hagas, no vayas.
  • Tegen een onbekende volwassene, een klant of je baas gebruik je usted: Pase, por favor. Siéntese.
  • Op borden zie je vaak een infinitief: No fumar. No tocar. Dat is een algemeen verbod.

Woordenlijst

SpaansNederlands
la norma / la reglade regel
respetarrespecteren
tocaraanraken
fumarroken
gritarschreeuwen
empujarduwen
tirar la basuraafval weggooien
apagar / encender (enciendo)uitzetten / aanzetten
el vestuariode kleedkamer
el banquillode bank (dug-out)
el porterode keeper
el pasede pass
la faltade overtreding
la tarjeta amarilla / rojade gele / rode kaart
protestarprotesteren
presionardruk zetten
defender (defiendo)verdedigen
mantener (mantengo) la posiciónpositie houden
perder el balónbalverlies lijden
la concentraciónde concentratie