Spaans B2 · Zelfstandig · unit 5

Fue construido

In deze unit: ser + voltooid deelwoord, ser of estar + deelwoord?, ser-passief of se-passief?. Uitgelegd in het Nederlands, met voorbeelden en de fouten die Nederlanders vaak maken.

Grammatica 1: ser + voltooid deelwoord

De lijdende vorm met ser legt de nadruk op wat er met iets gebeurt. Wie het doet, noem je met por. Het deelwoord past zich aan aan het onderwerp.

TijdVoorbeeld
presenteEl estadio es visitado por miles de turistas.
indefinidoEl club fue fundado en 1902.
perfectoLos jugadores han sido sancionados.
futuroLa nueva tribuna será inaugurada en mayo.
imperfectoLas entradas eran vendidas en taquilla.

La casa fue construida por mi abuelo. · Los goles fueron marcados en la segunda parte.

Grammatica 2: ser of estar + deelwoord?

ser + deelwoord: een handelingestar + deelwoord: een toestand (resultaat)
La puerta fue cerrada a las diez. (Iemand deed hem dicht.)La puerta está cerrada. (Hij is dicht.)
El partido fue suspendido por la lluvia.El partido está suspendido.
La tienda fue abierta en 2010.La tienda está abierta hasta las nueve.

Grammatica 3: ser-passief of se-passief?

In spreektaal gebruiken Spanjaarden veel vaker de se-passief (Unit 10 van B1). De ser-passief hoor je vooral in nieuws, geschiedenis en formele teksten.

se-passief (gewoon)ser-passief (formeel)
Se construyó el estadio en 1957.El estadio fue construido en 1957.
Se venden entradas online.Las entradas son vendidas online. (klinkt stijf)

Wil je zeggen wie het deed, dan gebruik je de ser-passief met por. Met de se-passief kan dat niet.

Let op, Nederlanders

  • Het Nederlandse 'worden' is in het Spaans ser: 'het stadion werd gebouwd' = el estadio fue construido. Niet estuvo construido.
  • 'Door' is hier por, niet para.
  • In het Spaans komt de ser-passief minder vaak voor dan in het Nederlands. Twijfel je, gebruik dan een actieve zin of se.

Woordenlijst

SpaansNederlands
construir (construyo)bouwen
inauguraropenen, inwijden
fundaroprichten
reformarverbouwen
derribarslopen
destruir (destruyo)vernietigen
elegir (elijo)kiezen
nombrarbenoemen
detener (detengo)arresteren, stoppen
sancionarstraffen, schorsen
traspasar / venderverkopen (speler)
el aforode capaciteit (stadion)
el arquitectode architect
el titularde kop (krant)
la noticiahet nieuwsbericht
segúnvolgens
a cargo deonder leiding van
el comunicadode verklaring